Van melkmeisje tot yoghurtdochter…



Op het immense terrein van het Foodcenter zou je haast zeggen dat er geen plaats meer is voor authentieke bedrijfjes met een warm hart voor hun producten. Niets is minder waar: halverwege mijn tocht beland ik tussen de metershoge blikken kikkererwten van Ferhat Doganyigit.
Met twee grote fabrieken in Turkije en klanten van Damascus tot Durgerdam is het familiebedrijf een prachtige onderneming. In het magazijn staan honderden producten, velen van hun eigen merk “Ceren”: pistachenoten, olijven, ingeblikte groentes, tientallen soorten tapenades en een scala aan gedroogde vruchte; de opgestapelde dozen zijn metershoog. Zijn vader stond al op deze markt en goot het vak de jongens met de paplepel in. “Van kleins af aan struinden mijn broer en ik hier altijd al rond. Het maakt mij trots om te zien hoe we het bedrijf nog groter hebben gemaakt.”
Vanaf de tomaat tot de tapenade die zijn klanten op hun brood smeren, draagt Ferhat zorg voor zijn product en zijn klanten. “Tijdens een vrije dag ga ik altijd even met m’n scooter langs mijn trouwe klanten. Handel in Turkije is een verbond van vrienden. Je kent de families, van de opa’s tot de jongste van het gezin, en zo worden de deals gesloten: als warme klei in de handen van een sterke ondernemer.” Naast verkopen bedenken ze ook hun eigen producten. Vol trots toont hij mij een langwerpig zilveren zakje met minuscule gaatjes. “Dit wordt het theezakje van de toekomst; nooit meer natte plekken op tafel.”
De twinkeling in zijn ogen en de trots waarmee hij zijn producten toont, spreken boekdelen. Ik ben dan ook enigszins verbaasd als hij niet op de foto wil. “Maar wacht, ik heb iets veel leukers.” Hij loopt snel naar het magazijn en komt terug met een grote witte emmer Turkse Yoghurt. Op de voorkant staat een lief meisje. “Dat is mijn dochter Celia” Een ding is zeker, als ik ooit nog Turkse yoghurt koop, weet ik wie er zo lief naar me lacht. Afiyet olsun güzelim! 

Een debuut in de wereld van de stethoscoop - Zorg in NRC-Next (21-09-10)

"Zelfs op vakantie ga ik nog even naar de markt.”